Secondary menu

Kennisakker - thema/gewas: Bemesting

Beoordeling van mogelijk gebruik van N-bijmestsystemen voor aardappelen als equivalente maatregel

Het gebruiksnormenstelsel, zoals verwoord in 5e Nederlandse Actieprogramma EU Nitraatrichtlijn, is in hoge mate gebaseerd op gemiddelde prestaties. Dat betekent dat op sommige bedrijven meer mest wordt toegediend dan ter plekke milieukundig verantwoord is maar op andere juist minder. Het Actieprogramma biedt handreikingen om gebruiksnormen te verhogen op voorwaarde dat de milieu-kwaliteit niet verslechtert (‘equivalente maatregelen’).

Actualisatie van stikstof-, fosfaat en organische stof balansen van akkerbouw- en vollegrondsgroentenbedrijven

Van tijd tot tijd komen nieuwe overzichten van gemiddeld gerealiseerde opbrengsten en nutriëntengehalten van akkerbouwgewassen en vollegrondsgroenten beschikbaar. Op basis van die geactualiseerde cijfers zijn de stikstof- en fosfaatonttrekkingen van een aantal veel voorkomende Nederlandse bouwplannen berekend. Daaruit blijkt dat de gemiddelde stikstofafvoer in de afgelopen

Heroverweging hoogte stikstof-gebruiksnorm graangewassen op zand- en lössgrond vanuit landbouwkundig en milieukundig oogpunt

De gebruiksruimte voor stikstof (N) voor een gewas wordt bepaald door de N-gebruiksnorm. Deze heeft het bemestingsadvies als basis mits daarbij wordt voldaan aan maximaal 50 mg nitraat per liter in het bovenste grondwater. Graangewassen zijn aangemerkt als niet-uitspoelingsgevoelige gewassen waardoor het bemestingsadvies de basis is voor de gebruiksnorm. In 2006 zijn op basis van nieuw onderzoek de N-bemestingsadviezen voor wintertarwe (zand- en lössgrond) en zomergerst (zandgrond) verhoogd. Anders dan voor klei heeft dit voor zand- en lössgrond niet geleid tot een hogere N-gebruiksnorm.

Inventarisatie van kansrijke Equivalente Maatregelen

Telers vinden de huidige gebruiksnormen voor stikstof (N) landbouwkundig in veel gevallen te laag. De overheid nodigt telers uit om maatregelen te nemen die een verhoging van gebruiksnormen rechtvaardigen zonder dat zo’n maatregel tot meer N-uitspoeling en –afspoeling leidt. Gesproken wordt daarom over ‘equivalente maatregelen’. Dit rapport analyseert welke maatregelen onder welke voorwaarden aan die definitie van equivalentie kunnen voldoen. Het rapport werkt een aantal maatregelen modelmatig uit voor zover dat niet al elders gebeurde.

Nieuwe stikstofadviezen volgen systematiek bijmestsystemen

De nieuwe stikstofbemestingsadviezen die NMI en PPO in 2016 in opdracht van Brancheorganisatie Akkerbouw gaan ontwikkelen, worden opgesteld volgens de balansmethode. Het idee daarvan is dat aanvoerposten, zoals bemesting, mineralisatie en depositie worden afgestemd op de behoefte van het gewas en onvermijdbare verliezen.

Let bij het opstellen van het bemestingsplan op kali

Kalibemesting is een belangrijk onderdeel van het bemestingsplan, omdat kali effect heeft op opbrengst en kwaliteit, met name bij aardappelen. Het kali-advies hangt af van de gewassen in het bouwplan, de grondsoort en de kali-beschikbaarheid. Op kleigrond kan kali in het najaar worden toegediend met een chloridehoudende meststof, zoals K-60.

CBAV: onafhankelijke deskundigheid voor een goed bodem- en bemestingsadvies

De Commissie Bemesting Akkerbouw / Vollegrondsgroententeelt (CBAV) stelt de bodem- en bemestingsadviezen voor akkerbouw- en vollegrondsgroentegewassen vast en maakt deze beschikbaar voor telers en anderen via het

Akkerbouwplaza

Brancheorganisatie Akkerbouw lanceert Akkerbouwplaza

Vanaf heden is de website Akkerbouwplaza te bezoeken.

Akkerbouwplaza bundelt informatie en geeft verwijzingen naar informatiebronnen. De website bestaat uit kavels, welke in categorieën zijn geclusterd. Iedere kavel geeft toegang tot specifieke informatie. Een gebruiker kan kavels naar eigen inzicht aan zijn persoonlijke pagina toevoegen, verwijderen en/of rangschikken.

Zodoende ontstaat een voor de gebruiker unieke startpagina. Bovendien voorziet Akkerbouwplaza in de veelgebruikte Google zoekfunctie.

Naar een nieuw P-bemestingsadvies akkerbouw

Samenvatting

Fosfaat is van belang voor een goede gewasproductie. Via het P-gebruiksnormenstelsel daalt de P-bemesting richting evenwichtsbemesting. In de praktijk is er zorg of gewassen dan wel voldoende fosfaat krijgen. Daarom is het belangrijk om te weten wat de bodem zelf aan fosfaat levert en hoe dit in de tijd vrijkomt. Dit om de in de akkerbouwpraktijk toegestande hoeveelheid P zo optimaal mogelijk te kunnen inzetten.

Fosfaat en ureum toedienen met dompelen

Een manier om de fosfaatbeschikbaarheid voor kiemende zaden te verhogen is door het aanbrengen van een fosfaathoudende coating. Jonge wortels van kiemend zaad kunnen zo direct beschikken over het aanwezige fosfaat in de directe omgeving van de wortel. Dit wordt in de praktijk reeds toegepast bij maïs en graszaad (i-Seed). Bij maïs is gebleken dat een coating een positief effect heeft in aanvulling op rijenbemesting. De vraag is of dit wellicht ook zou kunnen gelden voor pootaardappelen.

Toepassing van het stikstofbijmestsysteem in zaaiuien

In de periode 1991-1994 is in acht veldproeven onderzoek verricht naar de toepasbaarheid van een stikstof bijmestsysteem voor zaaiuien. Bij dit systeem wordt de totale mestgift verdeeld over een aantal tijdstippen, waarbij per tijdstip een hoeveelheid wordt gegeven die overeenkomt met een streefwaarde waarop de voorraad minerale stikstof op dat tijdstip in mindering wordt gebracht.

Deling van de stikstofbemesting bij zaaiuien

In een praktijkproef is de invloed van de stikstofdeling op de opbrengst van de uien nagegaan bij het normale ras Jumbo en de hybride rassen Hyfield en Hyskin. Een gedeelde stikstofgift (80 + 40 N) heeft, ook bij de hybride rassen, geen hogere opbrengst opgeleverd. De verschillen in maatverdeling waren ook minimaal. Het delen van de stikstofgift op hybride uienrassen lijkt op de kleigronden in Flevoland geen voordeel op  te leveren.

Invloed stikstofdeling en extra kali op de opbrengst en kwaliteit van zaaiuien op de lichte zavelgronden

Op ROC De Waag is in de jaren 1985 tot en met 1990 het effect onderzocht van een deling van de stikstof en een extra kaligift op de opbrengst en kwaliteit van de zaaiuien. Hierbij bleek dat op deze lichte zavelgronden een deling van de stikstof in bepaalde jaren positief kan zijn. Met een deling kan een eventueel optredende zoutschade en een uitspoeling van stikstof bij veel neerslag in het voorjaar worden voorkomen. Een deling in twee giften waarbij 2/3 van de gift voor het zaaien en 1/3 deel eind mei wordt gestrooid, leverde goede resultaten op en is voor de praktijk aan te bevelen.

Nieuwe bijmestsystemen en –strategieën voor aardappel op zand- en lössgrond

PPO en Altic hebben voor het Masterplan MineralenManagement (MMM) onderzoek gedaan naar mogelijkheden om de stikstofbenutting van aardappel te verbeteren door de ontwikkeling van nieuwe of verbeterde stikstofbijmestsystemen. Die systemen zijn in 2011/2012 ontworpen en er is een plan van aanpak opgesteld om de systemen in 2012 en 2013   te toetsen in veldproeven op   zuidoostelijke zandgrond (Vredepeel) en op löss (Hulsberg). Dit rapport gaat in op die veldproeven.

Eindrapportage Bemestingsadviessystemen 2010-2013

Op de proefboerderijen Oostwaardhoeve (Slootdorp, centrale klei) en SPNA Kollumerwaard ( Munnekezijl, noordelijke klei) is een meerjarige proef neergelegd om de bemonstering en de adviezen van 4 laboratoria (BLGG, Albrecht, Altic en Koch) te vergelijken met elkaar en met een zogenaamd praktijkobject, dat wordt bemest  zoals de proefboerderij dat in de praktijk ook doet.

Pages

Subscribe to Kennisakker - thema/gewas: Bemesting