Secondary menu

Combineer mest in de nazomer met een groenbemester

10/08/2010 - J. Paauw - PPO-agv

Op klei- en lössgrond wordt na de oogst van het graan vaak drijfmest uitgereden. Voorkom hierbij onnodige stikstofverliezen door de gift te beperken (bijv. 15-20 m3 varkensdrijfmest per ha) en direct hierna een niet-vlinderbloemige groenbemester in te zaaien.

Op deze manier gaat er zo min mogelijk gebruiksruimte verloren. Voor de aangevoerde drijfmest, anders dan van graasdieren, moet voor klei en veen een forfaitaire N-werking van 60% worden gerekend en voor zand en löss 70%. Bij een gift van 15 m3 varkensdrijfmest/ha betekent dit 65 respectievelijk 75 kg werkzame N/ha. Voor een gift van 20 m3/ha is dit 85 en 100 kg N/ha. De werkelijke werking is bij een toepassing zonder groenbemester slechts 20% (15-20 kg N/ha). Door een groenbemester in te zaaien krijgt u extra gebruiksruimte van 60 kg N/ha op klei en 50 kg N/ha op löss. Bovendien kunt u, in geval van een geslaagde groenbemester, rekening houden met een N-nalevering van circa 30 kg N/ha die kan worden afgetrokken bij de bemesting van het volggewas. Op die manier kan de werkzame N worden verhoogd met 80-90 kg N/ha, waardoor er bij een beperkte mestgift weinig tot geen gebruiksruimte verloren gaat.
Let er wel op dat een gebruiksnorm voor een groenbemester alleen geldt wanneer voldaan wordt aan de volgende voorwaarden:

  • Zand, löss en veen: zaaien vóór 1 september en na 1 december ploegen;
  • Klei: zaaien vóór 1 september en ploegen nadat de groenbemester aantoonbaar minimaal 8 weken wordt geteeld.

Meer informatie: Jan Paauw (jan.paauw@wur.nl)